Posts tonen met het label 2013 Namibië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2013 Namibië. Alle posts tonen

zondag 23 november 2014

Vooraf

Banner Namibie.gif
In 2001 reisden we 20 dagen door Zuid-Afrika. Het was onze eerste ervaring met “Anders dan Anders” en meteen een voltreffer. We werden overweldigd door de natuurpracht, gingen volledig op in de spanning van de wildsafari’s en geraakten gecharmeerd door de aanstekelijke opgewektheid van de zwarte bevolking. Kortom we waren meteen verliefd op Afrika. En ook de formule van Anders dan Anders beviel ons helemaal: een uitgebalanceerd en afwisselend programma, comfortabele hotels en lodges, een leuke groep van ‘gelijkgestemden’ en een uitstekende begeleiding. Dat smaakte dus naar meer, in zoverre zelfs dat een deel van de groep ons trachtte te overtuigen om het jaar daarop mee te gaan naar Namibië. We twijfelden en vonden uiteindelijk dat twee Afrikareizen in evenveel jaren wel eens van het goede teveel zou kunnen zijn. We gingen niet mee en hadden er achteraf spijt van toen de groep nòg enthousiaster terugkwam. Maar Afrika en Namibië lieten ons niet los en nu, meer dan 10 jaar later, beslisten we om Namibië te doen. Mét Anders dan Anders natuurlijk. Op een informatie-avond in januari maakten we kennis met het programma én met Marc, onze reisleider. We boekten meteen voor de reis van september en het lange wachten naar de afreisdatum begon.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Kennismaking met onze medereizigers

Maandag 9 september 2013
De meeste van onze reizen vertrekken met een vroege vlucht, zodat we in het holst van de nacht moeten opstaan. Maar deze keer niet. We vertrekken om 14:50 uur vanuit Zaventem en moeten pas om 12:30 uur verzamelen op de luchthaven. Tijd zat dus. Omwille van het verkeer nemen we echter geen risico en laten ons al om 11:00 uur afhalen door het shuttlebusje van Begoniareizen. Het verkeer valt echter mee en zodoende zijn we veel te vroeg in Zaventem. Er is nog niemand van onze medereizigers aanwezig. Vanop de plaats van afspraak slaan we de binnenkomende reizigers gade en proberen in te schatten wie mogelijks tot onze groep zou kunnen behoren. Dat is eigenlijk niet moeilijk. Op een of andere manier haal je er de ‘Anders dan Anders’-klanten zo uit en de zwart-rode sticker op de koffers geeft meteen de bevestiging. Al gauw is de groep van 18 voltallig, al is er even verwarring of we nu met 18 of 19 zijn. Nr 19 blijkt uiteindelijk onze reisleider te zijn, die gisteren al is vertrokken, en dus niet met ons meereist. We stellen ons aan elkaar voor en, zoals steeds, is meteen duidelijk dat dit een goede groep wordt. Opvallend is dat er niemand uit Antwerpen bij is en dat is zéér uitzonderlijk bij AdA. De oostvlamingen zijn in de meerderheid: Aalst, Geraardsbergen, Wortegem-Petegem, Lovendegem, Laarne en Gent. Het minst vertegenwoordigd zijn Vlaams-Brabant (Dilbeek en Ternat), West-Vlaanderen (Houthulst) en Limburg (Genk). Naast 2 singles zijn we met 8 echtparen, waarvan de meesten de pensioenleeftijd naderen of net bereikt hebben.
Mooi op tijd stijgt ons Lufthansatoestel op richting Frankfurt waar we moeten overstappen op een Air Namibia-vlucht die ons naar Windhoek zal brengen. Het is een hele toer om op de immense luchthaven de juiste terminal en gate te vinden, meteen een gelegenheid om de groepscohesie te testen. We blijven voorbeeldig samen en zonder problemen vinden we het monorailtreintje dat ons naar terminal 2 brengt. Hier is het nog even wachten vooraleer we kunnen instappen en we besluiten toch maar gauw een hapje te eten want we hebben sinds deze morgen niets meer gehad.  Om 19:30 uur kunnen we eindelijk de Airbus 340 instappen. We hebben een plaats aan het venster maar wanneer ik merk dat de middenrij naast ons volledig leeg blijft, pik ik gauw de vrije plaats in en zodoende beschikken we beiden over twee zetels, wat het comfort aanzienlijk verhoogt. Ook nu vertrekken we stipt op tijd voor een vlucht van 8.121 kilometer die net geen 10 uren zal duren. De Airbus blijkt een oud toestel te zijn waarvan het interieur duidelijk slijtage vertoont en dat af en toe vervaarlijk rammelt. Hopelijk heeft de mechaniek er minder last van…  Maar de vlucht verloopt vlekkenloos en dank zij een slaappilletje kan ik van 22:00 tot 04:00 uur slapen. Om kwart voor vijf gaan de lichten aan en wordt een ontbijt geserveerd. We vliegen boven Angola en hebben nog 1 uur en 15 minuten te gaan. 

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Windhoek (1)

Dinsdag 10 september 2013 (1) 
Het is 6 uur in de ochtend als we landen op de luchthaven van Windhoek. Het is ongeveer 14°C en nog donker. Het invullen van de immigratiedocumenten, de pascontrole en het wachten op de bagage neemt ruim een uur in beslag maar als we er uiteindelijk doorheen zijn, worden we opgewacht door Marc, onze reisleider. Het is een vriendelijke, sportieve vijftiger die al enkele jaren in Namibië woont en ook voordien al, vanuit zijn toenmalige militaire opdrachten, lang in dit land vertoefde. We wisselen gauw enkele euro’s om in Namibische dollars en om 7:30 uur stappen we op de bus, een eerder oud exemplaar, maar proper en comfortabel. We maken kennis namibie,windhoekmet Bruce, een rijzige hereroman met blauwe ogen, die de hele reis onze chauffeur zal zijn. De luchthaven ligt op een 40 kilometer van de stad. We rijden door een kaal en dor landschap waarin zich toch de eerste tekenen van de ontluikende lente laten zien: schuchter groen en hier en daar al een voorjaarsbloem. Marc vermoedt dat tegen het einde van de reis de jacaranda’s zullen bloeien. We worden meteen naar Hotel Thule gebracht dat hoog op een heuveltop boven de stad is gebouwd en van waaruit je dus een prachtig panorama hebt. Het is een complex van gebouwen in een opvallende a-typische stijl met duidelijke Duitse invloeden. Mooi kan je het niet noemen, maar de omgeving is het des te meer: bloeiende bougainvillea’s en hybiscussen en een ruime binnenplaats met fontein. We worden verwelkomd met koffie en een croissant en nadat we onze koffers en handbagage gedeponeerd hebben, stappen we weer op de bus voor een bezoek aan Windhoek, Namibië’s hoofdstad. Hier leven 320.000 mensen.
De bus brengt ons door residentiële wijken en langs kronkelende, vaak steile straten naar de binnenstad. De straatnaamborden met Duitse namen doen wat onwezenlijk aan.
 namibie,windhoek
We stoppen aan het mooie park bij de Christuskirche, die net zo goed in Duitsland had kunnen staan en wandelen langs een opvallend maar lelijk gebouw in aanbouw: het nieuweNationale Museum. Het is één van de protserige projecten van de voormalige president Sam Nujoma, die regeerde van 1990 tot 2005, en die wel meer van deze dwaze beslissingen op zijn geweten schijnt te hebben. Wij wandelen naar de ernaast gelegen Alte Feste waarin het oude museum is ondergebracht. Veel is er niet te zien, maar het is toch een ideale plek voor Marc om ons iets meer over het land en zijn geschiedenis te vertellen. Namibië was van 1884 tot 1920 een Duitse kolonie (onder de naam Deutsch Süd-West Afrika) en werd in 1920 onder Zuid-Afrikaans protectoraat geplaatst. Dit verklaart enerzijds de vele Duitse namen en opschriften maar ook dat het Afrikaans er de voertaal is. Pas in 1990 werd het land onafhankelijk en kreeg het zijn huidige naam. De verzetsbeweging SWAPO werd de belangrijkste politieke partij en Sam Nujoma de eerste namibie,windhoekpresident. Namibië is ongeveer 27 keer zo groot als België en telt amper 2 miljoen inwoners. Het behoort hiermee tot de dunst bevolkte landen ter wereld: slechts 2,6 inwoners per vierkante kilometer. Op deze site bevindt zich ook het State House en het Tintenpalast, die het huidige parlement huisvesten. Vòòr het oude museum staat een groot ruiterstandbeeld als herdenking aan de Duitse soldaten en burgers die sneuvelden in de Herero-oorlogen van 1904-1907. Vandaag is het aanleiding tot controverse want het wordt gezien als een uiting van de Duitse suprematie en een miskenning van de vele Herero’s en Damara’s die in dezelfde oorlog in veel grotere aantallen het leven lieten. In een poging tot uitwissen van het koloniale verleden, moest het beeld plaats ruimen voor het nieuwe museum en werd het tenslotte naar hier verhuisd. Om dezelfde reden wil de huidige regering Duitse plaatsnamen vervangen door inheemse namen. Zo wordt bv !Nami≠Nüs de nieuwe naam voor Lüderitz en heet de Caprivi-strook voortaan de Zambesi-strook.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Windhoek (2)

Dinsdag 10 september 2013 (2)
Na een kort bezoek aan het museum wandelen we onder een brandende zon naar Independence Avenue, het commerciële hart van de stad. Hier staat moderne hoogbouw en zijn chique winkels Namibie Carlos 1 032.JPGen winkelcentra gevestigd. Windhoek staat bekend als de properste hoofdstad van Afrika, al vind ik het toch nog tamelijk slordig: gebroken plaveien, slecht onderhouden grasperken. In een autovrije zone hebben zwarte vrouwen hun ambachtwerkjes uitgespreid: rieten manden, houten schalen, beeldjes van olifanten, giraffen en andere wilde dieren, kleurrijke doeken...  Bij de Gibeon Meteorites, een moderne fontein die gesierd wordt door grote brokken van een meteoriet die hier ooit insloeg, stappen we met de hele groep een moderne winkelgalerij binnen. De gids is samen met de Namibiërs fier op zo’n eigentijds centrum, maar eerlijk gezegd zijn we niet erg onder de indruk. Wij Europeanen zijn meer gewoon. Met de hulp van Marc kan ik er wél een borsteltje met peer kopen Namibië Christiane 1 033.JPGom de lens van mijn fotocamera te ontstoffen en proper te houden. Het zal op deze reis nog veel dienst doen. We wandelen terug naar de bus die intussen heeft plaats gevat bij het splinternieuwe Hiltonhotel. Ook hier veel kraampjes. Er zitten zelfs enkele Himba-vrouwen in “klederdracht”, d.w.z. enkel getooid met modder op het naakte lichaam.  Het zijn echte toeristenlokkers die geld vragen voor elke foto die je van hen maakt en Marc raadt ons aan te wachten tot in Opuwo, waar we een Himba-dorp zullen bezoeken. Het is intussen zéér warm geworden, ruim boven de 30°C. Op de terugweg rijden we nog even langs het oude station van Windhoek, een charmant gebouwtje, maar als je daar al trots moet op zijn… Voor de deur staan enkele museumstukken van treintjes en wagonnetjes uit vervlogen (Duitse) tijden.
Namibie Carlos 1 084.JPG
Daarna rijdt Bruce ons door Katutura, de uitgestrekte wijk waar de arme zwarten wonen. De naam betekent letterlijk “de plaats waar je niet wilt wonen” en dat zegt voldoende. Aanvankelijk zijn de huisjes nog netjes en kleurrijk geverfd, maar verder zien we enkel nog gammele, in golfplaten opgetrokken koten. Hoe dieper we in de wijk doordringen, hoe schrijnender. Hele heuvelflanken zijn ingenomen door armtierige woningen. Dit is een gevaarlijke buurt, maar Bruce is er thuis en weet waar we wel en niet moeten komen.
Tegen de middag zijn we terug in het Thule Hotel. Nadat we de kamer betrokken hebben, schuiven we aan voor de lunch in het restaurant met een prachtig panoramisch zicht op de stad. Eerst krijgen we een glaasje ‘vonkelwijn’ en dan is er een bescheiden buffetje met keuze uit een visgerecht (heek) en twee soorten wild (kudu en spiesbok). Lekker, maar alles is net iets te droog en te veel doorbakken. Na de lunch hebben we een vrije namiddag. We weten er niet goed weg mee want de stad is te ver af en overigens raadt Marc ons af om een taxi te nemen wegens te onbetrouwbaar. Dan maar naar de kamer voor een verkwikkende douche, een scheerbeurt en verse kleren. Het is nog steeds zeer warm, maar er verschijnen toch meer en meer wolken. We verkennen verder de tuin en het zwembad, dat niet veel meer blijkt te zijn dan een groot uitgevallen badkuip. We nemen dan maar plaats op het aangename terras en bestellen een glas wijn en een alcoholvrije Rock Shandy. Het is er heerlijk toeven en we hebben een leuke babbel met M en P, met wie ik leuke gemeenschappelijke herinneringen kan ophalen uit onze studententijd. Zodoende vliegt de tijd toch snel voorbij. Om 18:45 uur is het weer verzamelen geblazen en de bus brengt ons naar NICE, het restaurant van de hotelschool (Namibian Institute for Culinary Education).
namibie, windhoeknamibie, windhoek
Als we binnenstappen, kunnen we onze ogen bijna niet geloven: dit is een zeer smaakvol ingericht hypermodern restaurant, zoals we er zelfs bij ons weinige hebben. Ook het eten is modern gepresenteerd, zij het een beetje overdreven. We krijgen eerst een nogal complexe salade met naar mijn smaak teveel onsamenhangende smaken. Er zit o.a. gerookte zalm en biltong (gedroogd vlees) in. Daarna hebben we de keuze uit tonijn met couscous of oryx met rijst en een gestoofde peer. Het vlees is mals en zéér lekker en ook de tonijn is perfect. Het overladen dessert met 2 soorten chocolademousse en fruit valt dan weer zeer zwaar. Hoogtepunt is echter de wijn: een chenin blanc L’Avenir uit Stellenbosch. Fantastisch lekker en niet duur (17 €). Culinair begint deze reis met een onverhoopte meevaller. Dit is weliswaar geen topniveau, maar veel beter dan we hier ooit verwachtten. Vooral op het vlak van bediening hebben ze echter nog veel te leren. Maar ja, de Afrikaanse normen zijn duidelijk de Europese niet… De sfeer aan tafel is prima: rustig maar toch voldoende gebabbel en gelach. Ja, deze groep valt zeer goed mee! Het is 22 uur als we terug zijn in het hotel na een rit door het zo goed als verlaten centrum van Windhoek. Het was een lange dag en we zijn moe.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Op pad voor 5.000 kilometer

Woensdag 11 september 2013 (1)
Vandaag beginnen we aan onze rondreis door Namibië. We hebben een kleine 5.000 kilometer voor de boeg en zullen een grote lus maken eerst naar het noorden tot bijna aan de Angolese Namibie kaart.jpggrens en vervolgens afzakken langs de westkant tot het uiterste zuidpunt van het land dichtbij de grens met Zuid-Afrika. Tenslotte klimmen we weer noordwaarts via de Kalahari-woestijn om te eindigen terug in Windhoek. Wekker om 6:15 uur, koffers pakken, ontbijt om 7:00 uur en vertrek om 8:00 uur, dat wordt het vast scenario voor de meeste dagen.  Meestal zullen we proberen om al tegen de lunch op onze dagbestemming te zijn om dan in de namiddag nog een of andere activiteit af te werken. Zo ook vandaag. We zullen bijna de hele voormiddag op de bus doorbrengen en rijden via Okahandja naar Otjiwarongo. Aanvankelijk is het landschap weinig boeiend, maar de lange rit wordt op een aangename manier gevuld door onze gids Marc. Bijna de hele tijd onderhoudt hij ons met een thema dat aansluit bij wat we onderweg tegenkomen. Of het nu om de geschiedenis of de politeik gaat, over de bevolking of de economie, de fauna of de flora, Marc vertelt er ons alles over zonder ook maar één spiekbriefje nodig te hebben. Een heuse “wandelende encyclopedie” zegden we vroeger, maar tegenwoordig gebruiken we beter de term “menselijke Wikipedia”. 
Vandaag loopt onze route volledig over asfaltwegen of “teerpad” zoals ze hier zeggen. Amper 14% van de Namibische wegen is geasfalteerd, de rest is grind of stoffig “grondpad” zoals we later ruimschoots zullen ondervinden. We mogen vandaag zelfs genieten van de enige autosnelweg die Namibië rijk is: 2x2 rijstroken over niet minder dan… 16 km. We zijn amper vertrokken of we worden al van de baan afgeleid voor een verplichte weegcontrole. Vòòr ons staat een lange rij vrachtwagens die hetzelfde lot beschoren zijn en het duurt ruim een half uur voor ook wij op de weegbrug mogen. Even verder stoten we dan weer op onze eerste “road block”, een controlepost waar een politieman ons vanuit een gammel hokje streng monstert vooraleer te beslissen dat we mogen doorrijden. Marc waarschuwt ons om rustig en vooral ernstig te blijven, want die mannen voelen zich nogal rap uitgelachen en kunnen dan bijzonder vervelend doen. Het is zelfs best dat Marc even zijn uitleg stopt, want ze zouden kunnen denken dat het over hen gaat… Ziezo, dat was een eerste staaltje van de typisch Afrikaanse toestanden. 
Namibië Christiane 1 188.JPG
Even buiten Windhoek zien we kleine hutjes. Het zijn eigenlijk slechts een paar doeken die dienst doen als afdak ter bescherming tegen de brandende zon. Hier leven mensen in diepe armoede. Sommigen proberen aan de kost te komen door het vuil van een groot stort uit te sorteren en aan de man te brengen terwijl anderen het schamele gras snijden om te verkopen. Dit is een brakwatergebied en in tegenstelling tot de grote droogte elders, groeit hier inderdaad wat schamel groen.  Dit gebied staat bekend als zeer gevaarlijke zone en de staat is al jaren aan het proberen om er een industriezone van te maken, maar er komt maar niets van terecht. Hier leert Marc ons een veel gehoord Afrikaans gezegde dat we op de reis herhaaldelijk zullen te horen krijgen: “Ons maak een plan” wat zoveel betekent als: “ooit doen we wel eens iets, maar geen mens weet waar en wanneer…”. Dan rijden we langs de rand van het Khomas-Hoogland. Hier is de beginnende lente duidelijk merkbaar: meer groen, mimosa en witte en gele bloesem.  Daarna rijden we door een immense droge vlakte waarin de eindeloze afsluitingen met zwevende paaltjes opvallen. De omheiningen bakenen de uitgestrekte farms af. Sommige afsluitingen zijn laag en andere 2 à 2,5 meter hoog. Dat wijst op de aanwezigheid van kudu’s of elanden, want dat is het enige wild dat zonder aanloop 2 à 2,20 meter hoog kan springen. Het is werkelijk onvoorstelbaar hoeveel kilometers omheiningen hier zijn. Wij zien alleen af en toe een ‘vlakvark’ of wrattenzwijn, een parelhoen of een eenzame struisvogel lopen.
Namibië Christiane 1 189.JPG
Marc neemt de gelegenheid te baat om ons te vertellen over de boeren en hun boerderijen. De meesten bezitten hier zo’n 4.000 à 5.000 hectaren grond waarbinnen nauwelijks iets groeit. Boeren betekent hier dan ook niet gewassen kweken, want daar is het veel te droog voor, maar wél vee houden.  Behalve koeien grazen hier ook wilde dieren, voornamelijk diverse soorten antilopen. De hoofdtaak van de boer bestaat in het herstellen van de kilometerslange omheining om de dieren binnen en de stropers buiten te houden. Hiervoor beschikt een doorsnee boer over 10 à 15 medewerkers, zwarten uiteraard, terwijl de boeren zelf voor meer dan 50% van Duitse afkomst zijn. De boer woont meestal in een luxueuze woning in het midden van zijn domein terwijl de zwarten aan de rand ervan wonen in kleine woningen. De plaats waar het huis staat is makkelijk te vinden dankzij een paar hoge cipressen die van ver zichtbaar zijn. De boer is verantwoordelijk voor een tiental gezinnen. Een van zijn taken is bv om de kinderen van zijn personeel met de auto naar de kostschool te brengen. Na veel regen in 2009 en 2011 kampen de boeren dit jaar met een uitzonderlijke droogte waardoor velen zich genoodzaakt zien een deel van hun vee te verkopen. Ze beleven hier een echt rampjaar. Marc kent een farm waar de veestapel is teruggelopen van 800 naar 250 en één waar het personeelsbestand nog amper uit 14 man bestaat waar het ooit 1.100 à 1.300 bedroeg. De droogte zorgt ook voor verhoogd brandgevaar. Vorig jaar zijn in het Noorden miljoenen hectaren afgebrand.  Even verder rijden we langs de rand van de Kalahari al is de grond hier niet rood gekleurd zoals in de rest van deze woestijn. De begroeiing bestaat vooral uit lage struiken: acacia’s of ‘doringbomen’ (‘doring’ betekent: alles wat doornen draagt).

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

De Kaapse gier

Woensdag 11 september 2013 (2)
Kort voor de middag houden we halt bij R.E.S.T. (Rare and Endangered Species Trust) in Okonjima voor een bezoek aan het Cape Vulture Project. Hier probeert men de Kaapse gierof Namibie Carlos 1 121.JPGCape Griffon Vulture te helpen die met uitsterven bedreigd wordt. We worden er ontvangen en rondgeleid door projectleidster Maria, die een prachtige grote uil op haar arm draagt. Voor haar oog heeft ze een zwarte lap zoals de zeerovers, het gevolg van een recent ongeval waarbij ze een oog verloor toen ze met haar gezicht in de scherpe doornen van een acaciastruik liep. In een immense kooi zitten twee Kaapse gieren en een bateleur, een andere grote roofvogel. In een kleine ruimte wordt een mooie black shoulder kite (valk) verzorgd vooraleer ze terug in de natuur wordt vrijgelaten. Het bezoek is interessant, maar toch betreuren de meesten dat we niet het nabijgelegen Africat gaan bezoeken, waar cheeta’s of jachtluipaarden worden beschermd. Voor we afscheid nemen, haalt Maria nog een verrassing boven: een schubdier (pangolin in het Engels). Het is een vrij klein geschubd dier, geelachtig van kleur, dat zich voedt met mieren en termieten. Het is zeer schuw en dus zelden in de natuur waar te nemen. Namibië Christiane 1 223.JPGHier leeft het in vrijheid, maar is gewend aan de mensen. Het laat zich dan ook gewillig door Maria oppakken en door ons fotograferen voor het traag op zijn twee achterste poten in de struiken verdwijnt. Om 12 uur stappen we weer op de bus voor de laatste 140 kilometer van vandaag. De zon brandt en het is zeer heet. Onderweg zijn veel jachtfarms, waar steenrijke buitenlanders uit de hele wereld voor groot geld begeleid worden bij het eigenhandig schieten van een springbok,  een steenbok, een kudu of een ander stuk wild. Marc vertelt ons hoe ze op soms hilarische wijze voor de gek worden gehouden om hen de indruk te geven dat ze echt heroïsche avonturen beleven. In Otjiwarongo gaan we eerst tanken vooraleer we naar onze lodge rijden. Het is een mooi verzorgd stadje, met nette winkels en goed onderhouden groene gazons. We kopen in de shop van het benzinestation (hier kan je echt àlles kopen) een zakje biltong (gedroogd vlees) want we beginnen toch al wat honger te krijgen. Die biltong wordt hier in verschillende smaken verkocht zoals zakjes chips bij ons. We bevinden ons in het land van de Herero’s, een van de minderheidsgroepen van Namibië, die we vooral kennen van de prachtige kleurrijke lange rokken en de speciale hoofddeksels van de vrouwen. Marc vertelt ons over de eigenaardigheid dat de hereromannen de militaire gewoonten van de Duitsers blijkbaar zò sterk bewonderen dat ze ze bij sommige officiële gelegenheden tot in het belachelijke nabootsen. Daarbij dragen ze oude Duitse legeruniformen en houden driloefeningen en heuse défilés met… houten wapens.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Frans Indongo Lodge

Woensdag 11 september 2013 (3)
Om 13:40 uur bereiken we eindelijk de Frans Indongo Lodge. De lodge is genoemd naar een van de belangrijkste Namibische zakenmagnaten die rijk geworden is in de naaimachine-, suiker- en visindustrie en nu eigenaar is van supermarkten en allerlei belangrijke gebouwen over het hele Namibie Carlos 1 183.JPGland. Hij is bevriend met voormalig president Sam Nujoma en de Zimbabwese dictator Robert Mugabe, die hier regelmatig op bezoek komen. De Frans Indongo Lodge is een complex van gebouwen met dikke rieten daken in een prachtige tuin met waterpartijen, palmbomen en groene gazons. Het centrale gebouw is een ruimte zonder muren onder een immens strodak en uitlopend op een groot observatieterras dat uitkijkt op de vrije natuur. Hier zijn drink- en voederbakken geplaatst om het wild te lokken. Er lopen dan ook voortdurend allerlei soorten antilopen: zwartbok, springbok, blesbok, steenbok, oryx of spiesbok, e.a. Namibie Carlos 1 186.JPGAls verwelkoming worden we vergast op een heerlijk verfrissende koude citroenthé met munt en dan gaan we meteen aan tafel want de magen grollen intussen allemaal om het luidst. Het is zeer aangenaam onder het grote rieten dak en we krijgen een eenvoudige maar verzorgde lunch voorgeschoteld. Het is al 15 uur als we de tafel verlaten en onze kamers kunnen betrekken. Onze kamer blijkt een familiehut te zijn wat betekent dat we naast een slaapkamer beschikken over een salon en twee badkamers. Het is een smaakvol ingerichte kamer met veel Afrikaanse accenten en het grote muskietennet over het bed verhoogt het safarigevoel. Straks doen we een wandeling, maar eerst willen we het hele domein verder verkennen en op foto vastleggen. Het is werkelijk prachtig! Overal bloemen en talrijke vogels in alle kleuren: groen, geel, turquoise,… Er is zelfs nog wat tijd over voor een snelle duik in het zwembad, frisjes maar heerlijk!
Om 16:45 uur verzamelen we voor een wandeling naar de top van een heuvel. Het begint met een lastig steil stuk, maar daarna is het vrij gemakkelijk, al moeten we opletten voor gevaarlijke doornen alom. Overal zien we sporen en uitwerpselen van wild, maar er is nergens een dier te bespeuren. Eens op de top van de heuvel kijken we uit op een brede vallei waar de zon stilaan aan het ondergaan is, jammer genoeg op een weinig spectaculaire wijze.
Namibie Carlos 1 242.JPG
Hier hebben twee bedienden van de lodge een mooi buffetje klaargezet met drank en hapjes. De gin-tonic smaakt lekker. Dit is echt een leuk en gezellig moment! Op enkele dames na, die de jeep nemen, gaat de groep tevoet terug naar beneden terwijl de duisternis invalt. Als we om 19:30 uur terug bij de lodge komen, is het helemaal donker. We nemen snel een douche en kleden ons om vooraleer we alweer aan tafel aanschuiven. Er staat opnieuw oryx op het menu. Ik denk dat rundsvlees hier zeldzamer en kostbaarder is dan wild, wat niet te verwonderen is als je de uitgehongerde en magere koeien ziet langs de weg. Alles is opnieuw mooi gepresenteerd en zeer lekker, al valt het dessert wat zwaar uit: malva pudding met vanille-ijs. Een lekkere Zuid-Afrikaanse fles chardonnay aan de spotprijs van 11 € begeleidt ons zachtjes naar het einde van onze eerste échte reisdag. We hebben nog geen sensationele dingen gezien, maar het was een mooie start.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Duitser dan Duits

Donderdag 12 september 2013 (1)
We hebben beiden goed geslapen, al had ik even last van een kramp in mijn been. De rit van vandaag zal ons langs het Otavigebergte en via Tsumeb tot aan de rand van het beroemde Etosha National Park brengen. Ook vandaag onderhoudt Marc ons onderweg met interessante wetenswaardigheden. Hij heeft het o.m. over autorijden in Namibië. Met zijn 500.000 auto’s op een oppervlakte van 27 keer België is er zeer weinig verkeer en toch is het aantal verkeersdoden per jaar hier even hoog als in België. De Namibische wegen zijn immers gevaarlijk om diverse redenen: ten eerste zorgen de lange, eentonige wegen ervoor dat chauffeurs al eens dreigen de concentratie te verliezen en naast de baan of op het andere rijvak terecht komen; ten tweede zorgt overstekend wild regelmatig voor ernstige aanrijdingen en tenslotte zijn de grindwegen niet altijd in even goede staat waardoor je riskeert de controle over het stuur te verliezen. De staat van de grindwegen zorgt overigens ook voor talloze platte of kapotte banden en gebroken voorruiten. Zo beweert Marc zelf 30 à 40 keer per jaar met dergelijke pech af te rekenen te hebben. Het openbaar vervoer biedt overigens weinig alternatief: de (weinige) treinen zijn onveilig en traag en daarenboven vooral goederentreinen. Er zijn geen openbare bussen en de shuttles die ze vervangen, zijn onbetrouwbaar en zeer onveilig. Klinkt allemaal nogal onrustwekkend of zou het een handigheid zijn van Marc om de begeleide groepsreizen te promoten?
In Okorusu rijden we langs een Belgisch bedrijf: Solvay heeft hier een belangrijke fluorietmijn en even verder is er een splinternieuwe goudmijn in opbouw. Omstreeks 10 uur bereiken we Tsumeb, de poort naar Noord-Namibië en vroeger een belangrijke mijnstad, waar naast koper en zink ook allerlei andere ertsen werden opgegraven. Nu is echter alleen nog de immense smeltoven actief.  Het stadje komt er netjes voor met goed onderhouden parken, maar de straten zijn zo goed als verlaten. We brengen een bezoek aan het plaatselijk museum dat vooral voorwerpen en reminiscenties bevat aan de Duitse koloniale periode: stoom- en andere machines, legermateriaal, allerhande instrumenten, kledij, vlaggen, postzegels…
namibie, tsumeb
Aandachtstrekker is een authentieke ossenwagen waarmee de Afrikaanse boeren in de 19eeeuw vanuit de Kaapprovincie het binnenland in trokken. Je weet wel: “Ry maar aan ossewa, ry maar aan…”. Alles is mooi gepresenteerd en zeer netjes. Het museum oogt Duitser dan Duits en het moet dan ook geen verwondering baren dat het een grote aantrekkingskracht heeft op de vele Duitse toeristen die jaarlijks Namibië bezoeken. De hemel is staalblauw en de zon brandt heet op onze hoofden. 

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Wrattenzwijnen in de tuin

Donderdag 12 september 2013 (2)
Nu komen we in Ovamboland, het gebied van de grootste etnische groep van het land. Niet minder dan 50% behoort tot deze bevolkingsgroep. Gedurende het laatste stukje van de route vertelt onze gids over de lonen en sociale voorzieningen in Namibië. Enkele voorbeelden: een portier in een lodge verdient 600 à 800 N$ per maand, een politieman 1.800 à 1.900, een bankbediende 3.000 à 3.500 en een leraar 4.000 à 5.000 plus een woning (100 N$ is ongeveer 7,8 €). Ter vergelijking: een eenvoudige dagloner krijgt amper 40 N$ per dag plus eten. De Namibiërs betalen pas belasting vanaf een inkomen van 2.500 N$. Als ontslagvergoeding krijgt men 2 maanden loon uitbetaald, doch enkel wanneer men minstens 5 jaar in dienst is. Allemaal niet om over naar huis te schrijven, maar naar Afrikaanse normen niet zo slecht. Namibië behoort overigens tot de welvarendste landen in Afrika. We vernemen verder dat ondanks het verdwijnen van de apartheid, het  verborgen racisme nog heel groot is en nog het meest tussen de verschillende etnische groepen onderling.
namibie, ovamboland, mushara lodge
We komen aan bij de Mushara Lodge om 11:30 uur.  Hier zullen we twee nachten verblijven. We bevinden ons hier immers vlakbij de ingang van het Etosha National Park, waar we morgen een hele dag zullen doorbrengen. Opnieuw komen we terecht in een prachtige lodge. De bungalows staan in een cirkel rond een groot grasperk met zwembad middenin. Overal lopen wrattenzwijnen te grazen. Niet erg vriendelijke dieren, dus we lopen er steeds in een grote kring omheen. Het dak van het hoofdgebouw is enorm groot en hoog. Het overkapt een uitgestrekte lobby met bibliotheek, een salon en een groot restaurant. Het interieur is zeer stijlvol aangekleed en dat geldt ook voor de chalets zelf waar safarimotieven en –voorwerpen voor een gepaste sfeer zorgen.De badkamer is dan weer modern en strak ingericht. Prachtig! De lunch valt een beetje tegen: té plat gekookte pasta.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Ombili: integratie van de Bosjesmannen

Donderdag 12 september 2013 (3)
Het is verschrikkelijk warm: 34°C en op de bus geeft de thermometer zelfs 43°C aan. Deze namiddag rijden we naar Ombili, een project voor de integratie van de San of Bosjesmannen, een volk van jagers en verzamelaars. Ze werden voor het grootste deel door de Duitsers verdreven richting Botswana maar in deze streek leeft nog een vrij groot aantal van hen. Ze geraken echter Namibie Carlos 1 336.JPGmoeilijk  geïntegreerd en Ombili heeft als ambitie deze mensen te helpen om zelfstandig een treffelijk leven te leiden. De directeur, een dynamische zestiger met lange grijze baard, ontvangt ons en leidt ons rond over het uitgestrekte terrein. We lopen langs de keurig in wit en rood geverfde schoolgebouwtjes maar beginnen met een bezoek aan de grote moestuin waar de bosjesmannen geleerd wordt hoe ze groenten en fruit moeten telen. Er zjn slechts een handvol mensen aan het werk. In het schooltje, dat grotendeels gesponsored is door liefdadigheidsprojecten in Duitsland, vernemen we dat de discipline er zéér belangrijk is. Elke inbreuk op het reglement kan tot uitwijzing leiden, niet alleen bij de leerlingen maar ook bij de leraars, ook al is er een groot gebrek aan leerkrachten.  Verder bezoeken we de apotheek, een bescheiden hospitaaltje en de ruime polyvalente zaal. Vervolgens wandelen we door de keuken naar het slaapgedeelte. Alles wordt Namibië Christiane 1 365.JPGhier netjes onderhouden door de leerlingen zelf. Op de speelplaats worden we omringd door een groep joelende meisjes, die op de foto willen terwijl de jongens even verder een partijtje voetbal spelen.  En dan gaan we naar het Bushman Village. Hier leven de mensen in simpele strooien hutten. Een oude vrouw is er rieten mandjes aan het vlechten en zwarte kleurstof aan het maken voor de versiering ervan. We eindigen ons bezoek in de shop, want het is uiteraard de bedoeling dat ook wij hier een beetje sponsoren. Vooraf demonstreren een paar mannen hoe ze met houten stokjes en droog stro vuur weten te maken en komt het Ombili-jongerenkoor enkele liederen zingen. We geven een donatie voor het koor en kopen een halssnoertje voor kleindochter Louisa.
Om 18:30 uur zijn we terug in de lodge. De verfrissende regendouche doet deugd en daarna blijft er nog wat tijd over om op het terras van onze bungalow de foto’s over te laden op de laptop en het dagboek in te vullen. Maar de avond valt snel en we moeten noodgedwongen binnenvluchten omdat het te donker wordt en… wegens de muggen. Vòòr het diner zakken we af naar het hoofdgebouw voor een aperitief. Deze keer bestellen we een dubbele gin-tonic, maar ook daarvan zullen we niet te gauw dronken worden. De hoeveelheid gin is miniem. Het diner wordt vanavond buiten opgediend bij kaarslicht. Het is zo donker dat ik moet bijlichten met mijn smartphone om de wijnkaart te kunnen lezen. En zonder licht is het ook niet meteen duidelijk wat er op ons bord ligt. Na twee bruschetta’s krijgen we eland met rode biet, raap en aardappelkroketten; chocoladetaart achteraf. Niets om over naar huis te schrijven, maar de sfeer is prachtig: gezellig, ideale temperatuur en… geen muggen.namibie, ombili, mushara lodgeOp het einde van de maaltijd komt het voltallige personeel ons dansend vergasten op enkele liederen. Afrikanen hebben duidelijk de schwung in hun lijf en beschikken over verrassend mooie stemmen. Het is vooral opmerkelijk hoe mooi meerstemmig ze kunnen zingen. Om 22:15 uur gaat iedereen slapen want morgen moeten we extra-vroeg op.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Etosha National Park (1)

Vrijdag 13 september 2013 (1)
Vandaag staat de wekker op 05:15 uur! We gaan namelijk een hele dag ‘game driven’ in Etosha National Park. Om 07:00 uur stappen we in een open jeep, eigenlijk een soort vrachtwagen waar we met de hele groep in kunnen plaats nemen. Het is nog donker en van zodra de truck zich in beweging zet ijzig koud. Zelfs met de dekens over onze hoofden en enkel een klein piepgaatje, snijdt de ijzige ochtendkoude door heel ons lichaam. Beetje bij beetje, naarmate het duister oplost en de zon nadrukkelijker wordt, stijgt gelukkig de temperatuur en uiteindelijk kunnen we zelfs de dekentjes afgooien. De oostelijke ingang van het park bevindt zich op amper een paar kilometer van de lodge. Op weg naar het Namutoni Rest Camp waar we de papieren moeten ophalen, krijgen we al regelmatig wilde dieren te zien.
Namibië Christiane 1 424.JPG
Een groepje parelhoenen zijn de voorbode voor achtereenvolgens olifanten, damara dik-diks (de kleinste antilopensoort), impala’s en giraffen. We zitten meteen in de echte safarisfeer zoals we die in Zuid-Afrika voor het eerst mochten beleven. In Namutoni kopen we een boekje met daarin niet alleen een plan van Etosha, maar ook de afbeelding van alle dieren en vogels die we in het park kunnen ontmoeten. Zowat alle soorten leven hier. Alleen op buffels, nijlpaarden, krokodillen of apen moeten we niet rekenen. En dan begint het: permanent speurt iedereen gespannen de omgeving af naar beweging tot iemand roept: “Kijk daar!” en inderdaad een of andere steen-, spring- of spiesbok opduikt als het al geen olifant, giraf of zebra is. Werkelijk fascinerend! Dan stopt de jeep en wordt er duchtig gefotografeerd, want foto’s zijn uiteraard de enige trofeeën die we van deze safari mee naar huis kunnen nemen.
De hele voormiddag rijden we door het park en we krijgen enorm veel wild te zien, ook zeer veel  vogels die vooral de aandacht krijgen van M, die een verwoede vogelaar is. De man geniet met volle teugen van deze vogelweelde. Etosha is vooral bekend om zijn waterplassen waar de dieren in groten getale komen drinken. Bij één daarvan in Tsumcor zijn we getuige van een schitterend spektakel. Als we er aankomen is er geen dier te zien op drie leeuwinnen na die schijnbaar lui en lusteloos liggen te soezen. In werkelijkheid liggen ze alert te wachten op een achteloze prooi die hopelijk naar de drinkplas zal komen. En inderdaad: in het struikgewas verschijnen weldra een paar zebra’s en giraffen, maar zij hebben meteen de leeuwinnen in het oog en durven niet naderbij te komen. Tot links op de scène een eenzame maar fiere oryx of spiesbok onvervaard naar de plas stapt en begint te drinken.
namibie, etosha
Dit is blijkbaar voldoende voor de andere dieren om hun schrik te overwinnen en binnen de kortste tijd wemelt het van de giraffen, zebra’s en spiesbokken en van rechts duikt een grote kudde kudu’s op. Plots verschijnen 3 imposante dieren uit de struiken: elanden, de grootste en misschien wel de mooiste onder de antilopen. Bij de waterplas wemelt het intussen van de dieren. Wij houden onze adem in en schieten massa’s foto’s. Het tafereel is idyllisch en vredig tot plots één van de leeuwinnen recht springt en in de aanval gaat. Haar timing blijkt echter slecht, want iedereen weet te ontsnappen. De scène is in een paar seconden leeg op de leeuwinnen na, die hongerig en teleurgesteld afdruipen. Het hele schouwspel leek wel zorgvuldig geregisseerd te zijn en wj hebben er ruim anderhalf uur ademloos van genoten. We rijden verder naar een andere drinkplaats en ook hier is het een drukke bedoening: giraffen, spiesbokken, zebra’s , impala’s en zelfs een hyena. Het is vooral mooi om te zien hoe moeizaam en vooral voorzichtig de giraffen moeten tewerk gaan als ze willen drinken. Ze spreiden hun voorste poten wijd uit elkaar tot ze met hun lange nek bij het water kunnen. In die positie zijn ze uiteraard zeer kwetsbaar en schichtig kijken ze dan ook voortdurend om zich heen, bang voor eventuele belagers. 

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Etosha National Park (2)

Vrijdag 13 september 2013 (2)
Tegen de middag rijden we terug naar de Mushara Lodge voor de lunch. Er is wat opschudding in de groep wanneer we vernemen dat de credit card van F is gekraakt. Zijn bank heeft hem ervan verwittigd dat er geprobeerd is om grote bedragen van zijn rekening af te halen, maar ze hebben het gelukkig kunnen verhinderen en meteen zijn kaart geblokkeerd. Het voorval verontrust ons allemaal wel een beetje en zet ons aan tot grotere voorzichtigheid.
Etosha Carlos 052.JPG
Om 15:00 uur vertrekken we opnieuw met de open jeep op game drive. Het weer is intussen zeer mooi: zonnig en warm. Deze keer hebben we bij de waterplassen wat minder geluk, maar onderweg zien we toch regelmatig giraffen, springbokken, oryxen of spiesbokken, zebra’s en gnoes of ‘zwart wildebees’. Als kleiner wild zijn er een gele mangoest, korhanen, tarentals of Etosha Carlos 172.JPGparelhoenen en af en toe een grote trapvogel. Ook bij de plas waar we deze morgen zo’n mooi schouwspel zagen, is het nu helemaal stil. We keren terug naar een andere drinkplaats en jawel: 3 grote olifanten, giraffen, impala’s, kudu’s, zebra’s en opnieuw 2 elanden. Er zijn zelfs 2 jakhalzen. Het is al vrij laat in de namiddag en ons geduld is toch beloond. Het wordt stilaan tijd om de terugweg aan te vatten. We hebben een prachtige dag achter de rug en uitzonderlijk veel wild gezien. Als we de uitgang van het park naderen en terwijl iedereen nog aan het napraten is, stuiten we plots op een grote kudde olifanten mét ook enkele kleintjes erbij.  Etosha Carlos 368.JPGZe staan langs de kant van de weg, en onze jeep rijdt de ander auto’s voorbij en stopt vervaarlijk dichtbij. Ideaal voor de foto’s natuurlijk, maar toch ook een beetje beangstigend. De kolossale dieren zien er heus wel gevaarlijk uit, zeker wanneer een paar van hen nerveus worden en dreigend beginnen te toeteren.  Bij één van de mannelijke dieren loopt een donker muskspoor uit een klier achter zijn oog. Dat betekent dat het in een tijdelijke staat van verhoogde hormonenproductie verkeert en zeer agressief kan zijn. Ik ben dan ook blij dat de kudde uiteindelijk toch rustig één voor één de baan oversteekt tussen de auto’s door en we kunnen doorrijden. Het was een mooie afsluiter van onze boeiende dag in Etosha.
Als we in de lodge terugkomen, lopen er 3 kudu’s in de bosjes achter onze chalet. Het is nog steeds warm en een korte duik in het zwembad zorgt voor een welkome verfrissing. Daarna nemen we nog even de tijd voor het overladen van de foto’s. C en ik hebben er vandaag elk meer dan 300 gemaakt! We proberen ook even te e-mailen naar het thuisfront, maar de wifi-verbinding blijkt niet te best te functioneren. Internetverbindingen blijken zowat overal ter wereld de nieuwe vorm van stress te zijn voor de toerist en daar ontsnappen wij blijkbaar ook niet aan.
Namibie Christiane 2 006.JPG
Het avondmaal bestaat vandaag uit een ‘braai’ in de ‘boma’, een cirkelvomige omheinde ruimte in open lucht met een groot kampvuur in het midden. Het oogt allemaal indrukwekkend met slaatjes, fetta, allerhande dressings, brood en ei, pompoentjes, mieliepap en natuurlijk kudu, springbok en kippenbouten op de barbecue. Maar zeer lekker is het niet. Toch is het een zeer gezellige avond bij een aangenaam zachte temperatuur en, ondanks de waarschuwingen van Marc, geen insecten. Bij het kampvuur mijmeren we nog wat na over de geslaagde en avontuurlijke dag van vandaag en over de vele wilde dieren die voor onze ogen en camera’s paradeerden. Het was een onvergetelijke belevenis.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT

Een lokale markt

Zaterdag 14 september 2013 (1)
Ik heb niet te best geslapen vannacht want het was zeer warm en er was een vervelende mug. Deze morgen liepen er weer twee kudu’s rond onze bungalow. Vandaag rijden we door Ovamboland verder naar het Noorden. De Ovambo zijn de grootste etnische groep in Namibië. Niet minder dan 50% van de bevolking behoort tot deze bevolkingsgroep die eveneens in het zuiden van Angola leeft. Het eerste deel van onze rit loopt nog door hetEtosha Park. We rijden namelijk net zoals gisteren de oostelijke poort binnen en verlatenEtosha via de noordelijke poort. Het wordt een nieuwe halve game drive en opnieuw zien we heel wat wilde dieren: zebra’s, springbokken, gnoes en giraffen. Sommige giraffen trekken eenzaam door de vlakte. Marc noemt ze ‘salami-giraffen’: ze zijn oud, solitair, hebben een donkere kleur en… komen weldra in de salami terecht. Plots heeft iemand een neushoorn met jong gespot. De bus stopt bruusk, maar de dieren verdwijnen vliegensvlug in het struikgewas. Ik heb ze toch enigszins op de foto, maar J was sneller en zorgt uiteindelijk voor een prachtige foto die ze belooft aan iedereen te zullen doorsturen. Wij rijden door een prachtig landschap waarin alle tinten geel en groen mekaar
Namibie Carlos 2 052.JPG
afwisselen en sommige stroken zelfs turquoise kleuren. Het is de enorme zoutpan die er van ver als een meer uitziet en waaraan Etosha zijn naam dankt. In de kale witte vlakte lopen sporen van allerlei dieren en hier en daar zien we ook een kudde zebra's, een paar oryxen of enkele gnoes en dat levert telkens een mooi plaatje op. Bij de King Nehale Gate stoppen we nog bij een laatste waterplas waar gnoes, springbokken, oryxen en wrattenzwijnen vreedzaam samen komen drinken. Hoog in een boom zit een white backed vulture of witruggier.  Hier verlaten we definitief Etosha National Park. Bij de rangerpost ligt een groot dik boek waarin manueel elke voorbijkomende auto wordt genoteerd: merk, kleur en nummerplaat. Onze bus is pas het vierde voertuig dat hier vandaag voorbijkomt. En dan zijn we buiten de wildzone, d.w.z. kuddes koeien i.p.v. zebra’s, al zien we in de verte toch nog een grote groep gnoes. Het wordt een beetje wennen en ik betrap er mezelf nog regelmatig op dat ik de horizon nog steeds afspeur naar wilde dieren.
We houden een stop in Omothyia voor een bezoek aan de plaatselijke markt. Langs de weg houden kleurig geklede vrouwen kraampjes open met groenten en fruit, kruiden, vlees, meel, zout, wormen, gedroogde visjes, marula-olie, gierstdrank, oliebollen, tekstiel en zelfs pijlen en bogen. Kleur alom, dus… fotograferen maar. Marc waarschuwt ons dat de mensen hier niet allemaal even vriendelijk zijn en niet allemaal graag gefotografeerd worden. In het geniep slaag ik er toch in enkele mooie plaatjes te maken.
Namibie Carlos 2 094.JPG
De vrouwen zien er trouwens niet zo kwaad uit. Ze zitten voortdurend onder elkaar te grappen en te giechelen. Op straat vallen ook enkele mooie dure auto’s op. Marc verklaart die door het feit dat de Ovambo’s dé commerçanten bij uitstek zijn en zichzelf een beetje als ‘de goden van Afrika’ beschouwen. We vertoeven hier niet al te lang en trekken weer verder. We rijden langs talrijke oshana’s, die typisch zijn voor deze streek. Het zijn waterplassen die vaak zeer visrijk zijn: o.a. karper en tilapia worden hier frequent gevangen en verkocht, maar het water is zeer vervuild en het is geraden hier niet teveel vis te eten. De busrit verveelt niet. Het is hoe dan ook boeiend om door het raam te kijken want er valt altijd wel iets te zien. Er zijn veel ezels en ezelkarretjes maar ook de kleine blokken huisjes zijn mooi om te zien. Sommige zijn in zeer felle kleuren geschilderd en dragen met de hand geschilderde opschriften: hair salon, car wash, e.d. maar veruit de meeste zijn bars of bottle stores. Hier en daar zijn ook nog rieten hutten achter een omheining van stokken en takken te zien, maar meer en meer verschijnen nu kleine villa’s en palmbomen. Volgens Marc was dit hier vroeger een bosrijke streek, maar alle bomen zijn gerooid voor de typische omheiningen die we de voorbije dagen overal gezien hebben. Hier en daar vallen ook de blauw-rood-groen gestreepte SWAPO-vlaggen op, de kleuren van de grootste partij van het land.

zaterdag 22 november 2014

Mieliepap met wormen

Zaterdag 14 september 2013 (2)
Het is 12:30 uur als we Ondangwa bereiken, een tamelijk druk stadje waar evenwel niets te beleven valt. Er zijn wel veel winkels, grote shopping malls, brede straten en grote kale pleinen. Het Protea Hotel is door Marc afgeschilderd als een probleemhotel: een lagere standaard dan onze vorige verblijven en een slechte service. Maar het valt al bij al nog mee. Het is een groot hotel bestaande uit twee met elkaar verbonden gebouwen in onpersoonlijke stijl, maar de kamer is ruim en proper. Na een fruitsapje ter verwelkoming krijgen we rundsvlees met groenten en rijst of fish and chips. Niet veel zaaks: het vlees en de frieten zijn oké maar de vis (hake) is minder.
Om 15 uur vertrekken we met de bus naar het Nakambale Community Project, oorspronkelijk een missiepost gesticht door de Finse missionaris Martti Rautanen. Er is een kerk en een kerkhof, een Ovambodorp en de oude missiepost die nu is ingericht als museum. Hier vertelt Maggie ons alles over het ontstaan en de geschiedenis van de missie. Het museum geeft ons aan de hand van foto’s, documenten en voorwerpen een goed beeld van hoe de zendelingen hier geleefd en gewerkt hebben en ik moet onwillekeurig aan onze Belgische missionarissen in Congo denken, want dat moet ongeveer hetzelfde geweest zijn.
namibie,nakambale,ondangwa
Ik ben zeer blij met dit bezoek, want het maakt de sfeer van het kolonialisme, ook in Congo, een stuk concreter voor mij. Het museum herbergt verder ook gebruiksvoorwerpen van de Ovambo. Verder op het terrein bezoeken we Johanna en haar familie. Zij leven er in eenvoudige hutten. We krijgen een demonstratie van het stampen van mielie tot meel waarvan vervolgens een dikke pap wordt gemaakt die wordt gegeten met gekookte wormen. We mogen proeven, maar er zijn geen kandidaten. Ik waag me enkel aan de pap, maar die smaakt flets en eerder vies. namibie,nakambale,ondangwaDaarna gaan we met de groep in een grote kring onder de bomen zitten en Johanna demonstreert ons hoe ze vlechtwerk maakt. Uiteraard volgt hierop een verkoopsessie. Wij kopen een klein lookmandje. Intussen worden de pap en de wormen gretig verorberd door een groep kinderen, die het een echte lekkernij lijken te vinden. In een mum van tijd is alles op! De kinderen amuseren zich rot, zeker wanneer F, de clown van onze groep, wat rare snuiten trekt. Het is 17:30 uur als we terug naar het hotel vertrekken. We zijn vrij tot 19:30 uur dus er is tijd voor een duik in het zwembad, een douche en… een gin-tonic. Het is opvallend dat opnieuw niemand anders van de groep te bespeuren is, op Marc en Bruce na, die blijkbaar ook wel een glaasje lusten. Het diner is zowel kwantitatief als kwalitatief ondermaats en de bediening is chaotisch en zeer inefficiënt. Een staaltje: Als ik om de wine list vraag, trekt de dienster een verbaasd gezicht en vraagt tenslotte: “write it down please”. Daarna bestel ik “a bottle of white wine” en ik voeg eraan toe “Two Oceans, sauvignon-blanc” want die wijn ken ik van bij ons. Opnieuw verbijstering en “write it down”, waarop ze vraagt: “This or this?”. Als ze tenslotte terugkomt, is de “Two Oceans” niet beschikbaar, maar de “bottle of white wine” wél. We krijgen een fles chenin blanc uit Robertson. Ook niet slecht en voor 97 N$ of amper 8 € mogen we natuurlijk niet klagen… Na het eten krijgen we toch een paar van de collega’s mee naar de bar voor een Amarula, een zoete roomlikeur uit Zuid-Afrika. Lekker, maar het zijn superkleine glaasjes. Bij het buitengaan heerst er vervolgens grote verwarring wanneer van iedereen afrekening geëist wordt voor de drank aan tafel. Niemand schijnt nog te weten wat we gedronken hebben. Daarenboven mogen we de drank aan de bar pas morgenvroeg betalen. Zo krijgt Marc dan tòch gelijk als hij het had over de slechte service. We beseffen opnieuw dat we in Afrika zijn. Vanavond zitten we allemaal vroeg in bed: het is nog geen 22 uur.

Terug naar 2013 Namibië OVERZICHT